2e druk

Van 'Mijn vrienden en ik' is de tweede druk in voorbereiding.

14 november

Epub

''Mijn vrienden en ik'' is er ook als Epub. En verkoopt aardig.

20 oktober

Nieuwsbrief

De Nieuwsbrief is nog steeds verkrijgbaar via de link op de contactpagina. De moeite waard!

7 oktober

Een huis met zeven kamers

Alma Post
Een huis met zeven kamers

Nu in de boekhandel
Bestel dit boek in de Vrije Boekenwebshop:
Klik hier voor het papieren boek - €17,95 plus €1,95 verzendkosten
Klik hier voor het E-book (Epub) - €11,95

Reacties van lezers:

Het leest als een trein, heb me bewust ingehouden om het niet in een keer uit te hebben.

De sfeer in Frankrijk vond ik heel goed neergezet; ik rook de rozemarijn en voelde de hitte daar.

Over het boek:

Ze was raar, tussen kinderen die thuis grote tuinen hadden en niets wisten van de polletjes speenkruid die zij op zondagochtend met haar ouders uitstak in een weiland, om ze vervolgens in een bakje op de vensterbank te zetten.


Vertaalster Erin leeft na haar scheiding redelijk tevreden in haar Amsterdamse flat. Haar dochter is de deur uit, het is tijd voor een nieuw avontuur, wellicht een leuke man. Maar ze wil ook iets uitzoeken.

Het heeft te maken met haar jeugd en de ongelukkige jaren die ze sleet op de elitaire school, waar haar eenvoudige, maatschappijkritische ouders haar naar toe stuurden. Goedgesitueerde Pieter lijkt de oplossing voor beide kwesties in haar leven, zeker als hij loskomt en zich verlangens van vroeger herinnert die hij allang had afgeschreven.

Wederzijdse passie stuwt de verwachtingen hoog op. Maar een sprookjeseinde wil Erin niet. Ze zoekt gelijkwaardigheid.

Citaten van anderen over klassenverschillen:

Ze vonden eigenlijk dat ik niet bij hen thuishoorde. Dat ik wel die stap naar hen moest maken, maar dat zij niet die stap terug wilden maken. Het interesseerde ze eigenlijk ook niet, (…) En ze hadden allerlei subtiele mechanismen om je dat te laten merken. Erover praten dat ze naar de schouwburg waren geweest, of in de kerstvakantie waren gaan skiën. En dan werd er gevraagd 'jij niet?' Nee, wij waren thuisgebleven. 'Jullie gaan ook nooit ergens naartoe!'
(…) Dat er bijvoorbeeld geen geld is om op vakantie te gaan komt blijkbaar niet bij hen op.

Mick Matthys, Doorzetters, Een onderzoek naar de betekenis van de arbeidersafkomst voor de levensloop en loopbaan van universitair afgestudeerden. (p. 246/247)

My father's (background) was grander than my mother's, so my mother had (…) to put up with the disapproval of my father's relations. (…) From that grew a kind of interest, in a way, of the unfairness of class, the fact that it is so arbitrary in its selection (…) and yet it shapes a life and creates entitlement.

Baron Julian Fellowes (acteur, schrijver van romans en scripts, schepper van Downton Abbey), in een radiointerview op NPR (fresh air, 10-1-2014).

Over de schrijfster van Een huis met zeven kamers:

Toen ik geboren werd woonden mijn ouders 'in'. Ze hadden twee kamers op de bovenverdieping van een echtpaar in de gemeente Hoogvliet bij Rotterdam. Inwoning geven was verplicht, vanwege de naoorlogse woningnood. Mijn ouders waren de koning te rijk toen ze na vijf jaar een driekamerwoning kregen in de nieuwbouw. Onze flat was het eerste bouwwerk in de wijk. Ik groeide op tussen koolzaadvelden en bouwmaterialen. Het verschil met mijn klasgenootjes op de montessorischool en hun jarendertig villa's was groot en moeilijk in te halen. Het zat in alle facetten van mijn leven. Taalgebruik, kennissenkring, wasgelegenheid, vakanties. Mijn grootste avontuur, tot mijn twaalfde, was vanuit het geleende vakantiehuisje in Noord-Brabant heel ver fietsen. Naar België! En dan in het plaatsje Poppel, vijf kilometer van de grens, snoep kopen. Bleekroze zuurtjes en suikerklonten aan een draadje. Mijn klasgenoten gingen naar Frankrijk en Italië. Als ik hen over de geneugten van een pizza in Florence hoorde praten, zweeg ik.

Discussievragen voor leesclubs:

Klik hier om vragen te verbergen.

Klik hier om vragen weer te geven.

Wat vind je van de communicatie tussen Pieter en Erin? Begrijpen ze elkaar? Krijgen ze evenveel ruimte om te spreken?

Wat vind je van de manier waarop de schrijfster de wereld van Erin en die van Pieter afschildert?

Heeft Jaap gelijk als hij zegt (epiloog) dat het nog twee generaties zal duren voor de wereld en Pieter en die van Erin niet meer verschillen?

Heeft iemand schuld aan de manier waarop het loopt?

Na hun ruzie in deel acht denken Erin en Pieter allebei dat ze de zaak gesust hebben (p. 222 en 224) Wie heeft gelijk?

Is het waar dat een reünie een drogbeeld van de sociale omgang is? (p. 25)

Waarom vraagt Erin aan Pieter of hij zich wel eens ‘een bezoeker op aarde’ voelt? (p. 176) Heeft het betekenis dat Pieter ‘ja’ antwoordt?

Af en toe wordt dezelfde gebeurtenis zowel vanuit Erin als vanuit Pieter verteld. Hoe werkt dat? Is het verhelderend?

Is het begrijpelijk dat het loopt zoals het loopt?

Heeft een van de hoofdpersonages je voorkeur? Zo ja, wie en waarom?

Wat is je eindoordeel over het boek?

Website: www.almapost.nl